Een gedragsbeleid begint niet op school Jan T'Sas - Universiteit Antwerpen Waar gaat het over? Deze blog gaat over klasmanagement. Hij gaat in op het actieplan van onderwijsminister Zuhal Demir om gewenst gedrag op school te bevorderen en ongewenst gedrag te begrenzen. Het plan bevat verschillende ingrediënten, zoals onder meer een task force die scholen tijdelijk kan overnemen, de verplichte gedragsexpert in elke school en de mogelijkheid voor schooldirecties om lockers van leerlingen te controleren. Mijn kritiek op dit plan is dat het een doekje voor het bloeden is, omdat de problematiek het domein onderwijs ver overstijgt. Ik ga ook dieper in op oorzaken van de ‘teloorgang’ van respect voor de leerkracht. Problemen met klasmanagement en gedragsbeleid op school? Onderwijsministe...
op
Link ophalen
Facebook
X
Pinterest
E-mail
Andere apps
Partners in leren in de strijd tegen het lerarentekort
IMPULS Blog juni 2023
Het lerarentekort staat al een hele poos hoog op de politieke,
onderwijskundige en maatschappelijke agenda. De thematiek is bijzonder
complex en tegelijk simpel. Wanneer de vraag naar leraren hoger is dan
het aantal beschikbare leraren, zijn er twee manieren om het evenwicht
te herstellen: het aantal beschikbare leraren verhogen of het aantal
gevraagde leraren doen dalen.
De voorbije jaren zijn beleidsinspanningen vooral gericht geweest op
het verhogen van het aanbod en dus het rekruteren van nieuwe leraren:
het meenemen van beroepservaring in de privésector als werknemer of zelfstandige tot 10 jaar anciënniteit voor sommige ambten,
de mogelijkheid om gratis als werkzoekende een graduaat, bachelor of master te volgen om leraar te worden via de VDAB,
de
lerarenbonus die leraren recht geeft op een vermindering van opdracht
met behoud van volledig salaris indien zij nog hun lerarenopleiding
volgen,
de proeftuinen die scholen toelaten om de bestaande
regelgeving even te negeren om te experimenteren met zaken zoals bv. het
openstellen van vacatures voor andere profielen en het inschakelen van
vakmensen uit de privé voor enkele uren als hybride leerkracht.
Heel wat van de initiatieven zetten in op het aantrekken van
zij-instromers naar het lerarenbroep. Minister van Onderwijs Ben Weyts
rapporteerde in 2022 dat dubbel zoveel zij-instromers de overstap van de
privésector naar het onderwijs hadden gemaakt als het jaar voordien.
Dat is mooi maar onvoldoende. Het leidt af van een groter onderliggend
probleem namelijk de werkomstandigheden van leraren waar beginners (maar
ook ervaren leraars) zich onvoldoende voor gewapend voelen en de
daarbij vroegtijdige uitstroom uit het beroep.
Ingersoll (2001) sprak meer dan twintig jaar geleden al van het revolving door
principe om te wijzen op het feit dat zelfs als je voldoende
leerkrachten rekruteert en opleidt er een probleem met lerarentekorten
kan zijn doordat leraren te vroeg het beroep weer verlaten. Uit een
schriftelijke vraag in het Vlaamse parlement in 2018 bleek dat in
Vlaanderen gemiddeld genomen 24% van de lagere school leerkrachten het
beroep binnen de vijf jaar verlaten en 44% in het secundair onderwijs.
Perryman en Calvert (2019) rapporteren in het buitenland variërende
uitstroomcijfers voor beginnende leerkrachten (binnen de eerste vijf
jaar) van 15% in Zweden tot 46% in de Verenigde Staten. Achter deze
gemiddelden gaan grote verschillen in ‘overlevingspercentage’ schuil,
afhankelijk van het profiel van de leerkracht. Als we de cijfers voor
het Brusselse Nederlandstalig onderwijs in detail doornemen, zien we dat
het overlevingspercentage het laagst is bij beginnende leerkrachten
zónder diploma van leerkracht in algemene vakken gewoon secundair
onderwijs (Marissal et al., 2016). En ook binnen die groep zie je grote
verschillen bijvoorbeeld voor de groep van zij-instromende mannen in de
veertig zien we dat van zij die wél een pedagogisch diploma hebben er na
vijf jaar nog steeds 4 op de 5 aan de slag zijn als leerkracht, maar
indien ze géén diploma van leerkracht hebben het nog slechts over 1 op 5
gaat die ‘overleeft’.
We dreigen dus heel wat van de nieuwe zij-instromers weer te
verliezen als we ze niet voldoende ondersteunen om zich in
lerarenopleidingen te professionaliseren. Vervolgens is het belangrijk
om de kloof tussen theorie en praktijk die heel wat beginnende leraren
ervaren te dichten. Want die kloof zorgt voor gevoelens van onzekerheid
over de eigen competenties om successen te boeken met leerlingen.
Wetenschappelijk onderzoek (Daza, Gudmundsdottir & Lund, 2021;
Willegems, 2020) geeft aan dat het bijeenbrengen van verschillende types
van expertise en het ontwikkelen van partnerschappen om te leren,
onderzoeken en groeien cruciaal is om de zogenaamde kloof tussen
‘theorie’ en ‘praktijk’ te overbruggen
Stevige partnerschappen tussen scholen en lerarenopleidingen kunnen die context creëren.
In 2012 presenteerden Geldens, Popeijus, Ruit en Visser drie
scenario’s van ‘samen opleiden’ die we hieronder in eigen woorden
samenvatten:
Figuur 1. Drie scenario’s voor ‘samen opleiden’ (gebaseerd op Geldens et al., 2012)
Ook Gledens et al. (2012) benadrukken dat vooral in het derde
scenario ‘partners in leren’, waar samen aan praktijkonderzoek wordt
gedaan, de scheiding tussen theorie en praktijk nadrukkelijker wordt
overbrugd dan in de eerste twee scenario’s en student-leraren een
kleinere praktijkschok ervaren.
De implementatie van partnerschappen tussen scholen en
lerarenopleidingen kan mogelijk een succesvolle oplossing zijn voor het
aanhoudende lerarentekort. Door nauw samen te werken worden toekomstige
leraren voorbereid op de complexe uitdagingen in de echte praktijk van
de school, wat mogelijk resulteert in een hogere retentie van
onderwijstalent.
Het is tevens een manier voor lerarenopleiders om zich via
praktijkonderzoek in partnerscholen te professionaliseren en voeling te
houden met de dagdagelijkse uitdagingen in de praktijk. Ook voor
schoolleiders is het een manier om hun schoolbeleid te versterken wat
niet onbelangrijk is om retentie te verhogen. Een onderzoek over
rekrutering en retentie van leerkrachten basisonderwijs in Antwerpen en
Brussel (Backers, Tuytens, & Devos, 2020) concludeert dat de
retentie van leerkrachten hoger is in scholen waar de schoolleider zowel
medezeggenschap en autonomie als sturing en ondersteuning biedt,
collegiale professionele samenwerking en ondersteuning stimuleert en een
duidelijk strategisch en participatief personeelsbeleid heeft. Het
verband tussen retentie van leerkrachten en deze schoolkenmerken wordt
bevestigd in internationaal onderzoek. Uit een recente reviewstudie
(Demir, 2021) blijkt met name dat leerkrachten die samenwerken veel meer
bereid zijn tot leren van elkaar en vinger aan de pols blijven houden
van onderwijsontwikkelingen in de buitenwereld en daardoor een grotere
jobtevredenheid ontwikkelen en een sterker gevoel hebben om zelfs zeer
uitdagende onderwijssituaties aan te kunnen. De kans op retentie
verhoogt daardoor. Omgekeerd, wanneer men in scholen met aanzienlijke
kansarmoede niet kan rekenen op collegiale samenwerking en
ondersteuning, dan vergroot de kans op vroegtijdige uitstroom. Wat
onvoldoende werkt om uitstroom van beginnende leraren tegen te gaan, is
uitsluitend inzetten op traditionele mentoring programma’s waarbij een
beginnende en ervaren leraar één-op-één aan elkaar gekoppeld worden om
zo frequent mogelijk met elkaar uit te wisselen over klaspraktijken. Wat
wél blijkt te werken is mentoring die ingebed is in een schoolcontext
waar de schoolleider een professionele leergemeenschap heeft
geïnstalleerd waar diverse leden van het schoolteam samen beslissingen
nemen en acties plannen en beginnende leraren verwelkomen, ondersteunen
en uitnodigen om te participeren aan het bredere schoolbeleid (Waterman
& He , 2011).
Tien jaar geleden, in 2013, sloegen vijf Onderzoekende Scholen en de
VUB lerarenopleiding de handen in elkaar als proeftuin. Het project
Onderzoekende School?! zag het licht waarin collaboratief onderzoekend
werken van bij de start centraal heeft gestaan en de onderzoekscyclus
onveranderd is gebleven. Aan het partnerschapsmodel werd doorheen de
jaren wel gesleuteld. Diverse actoren werden doorheen de jaren
toegevoegd aan de samenwerking en vandaag zijn niet alleen leraren,
lerarenopleiders en student-leraars actief in onderzoekende teams om hun
onderwijspraktijken te verbeteren maar ook leerlingen, ouders of
externe experten worden daarbij betrokken. Leraars worden tevens in
flankerende programma’s opgeleid tot coach en ook teams van
schoolleiders voeren sinds kort parallel een praktijkonderzoek uit met
collega schoolleiders in andere Onderzoekende Scholen?! om hun
schoolbeleid te verbeteren en de initiatieven vanuit de onderzoekende
lerarenteams te versterken. Schoolleiders vormen hier een
schooloverstijgende professionele leergemeenschap met andere
schoolleiders. De nauwe samenwerking laat overigens toe voor studenten
(LIO en niet-LIO) om aan de slag te gaan in partnerscholen waarbij
maximaal ingezet wordt op werkplekleren en heel wat opdrachten van stage
tot masterproef in de authentieke setting van hun school uitgevoerd
kunnen worden. Het project laat toe om een heel jaar intensief mee te
draaien in een schoolteam dat zijn eigen praktijk kritisch bestudeert.
Dit jaar vieren we tien jaar Onderzoekende School?! en wensen we de ondertussen meer dan dertig partnerscholen waarmee we samenwerken te bedanken.
Hopelijk inspireert deze blog ook anderen tot het bouwen van bruggen en het aangaan van hechte, lerende partnerschappen.
Els Consuegra, ondervoorzitter Multidisciplinair Instituut LerarenOpleiding VUB
Inge Placklé, redactielid Impuls en bruggenbouwer Multidisciplinair Instituut LerarenOpleiding
Referenties
Backers, L., Tuytens, M. & Devos, G. (2020). Het aantrekken en
behouden van leraren in een grootstedelijke context. Steunpunt
Onderwijsonderzoek, Gent.
Daza, V., Gudmundsdottir, G.B., & Lund, A. (2021). Partnerships
as third spaces for professional practice in initial teacher education: A
scoping review. Teaching and Teacher Education, 102, 103338. https://doi.org/10.1016/j.tate.2021.103338
Demir, E. K. (2021). The role of social capital for teacher
professional learning and student achievement: A systematic literature
review. Educational Research Review, 33, june 2021, 100391.
Geldens, J., Popeijus, H.L., Ruit, P., & Visser, L. (2012).
Samen verantwoordelijk voor ”samen opleiden’? Tijdschrift voor
lerarenopleiders (Velon/Velov), 33(2), 18-24.
Marissal, P., Vermeulen, S., Quittelier, B., Janssens, R., Delvaux, B. and Wayens, B. (2016). Besoin d’enseignants en Région bruxelloise. Bruxelles: éditions IRIS, Institut Bruxellois de Statistique et d’Analyse. Les cahiers de l’IBSA, 5.
Perryman, J. & Calvert, G. (2019). What motivates people to
teach, and why do they leave? Accountability, performativity and teacher
retention. British Journal of Educational Studies, 2019, 1-21. DOI: 10.1080/00071005.2019.1589417
Waterman, S., & He, Y. (2011). Effects of Mentoring on New Teacher Retention: A Literature Review. Mentoring & Tutoring: Partnership in Learning, 19(2), 139-156.
Willegems, V. (2020). Inside stories of collaborative teacher
research teams (Doctoral dissertation, Vrije Universiteit Brussel).
Lees IMPULS – Onderwijstijdschrift voor leidinggevenden
Je onderwijsteam enthousiasmeren en engageren is cruciaal. Impuls helpt daarbij. Het biedt als enige onafhankelijk tijdschrift ter zake een waardevolle ondersteuning aan schoolleiders. Impuls publiceert vier keer per jaar artikelen, interviews, recensies en achtergrondinformatie over schoolleiderschap. Tussentijdse blogberichten geven kritische opinies bij de actualiteit.
Reacties
Een reactie posten